3) Prostaatkanker en de lange weg naar genezing

Als inleiding roep ik gaarne een in april 1999 verschenen boek in uw herinnering, te weten: "Terminus; Dr. Ben Zylicz en de kunst van het sterven"-  en het interview door Rob Bruntink, dat daaraan vooraf ging.

Dr. Zylicz is specialist in de palliatieve zorg, de lichamelijke en geestelijke aandacht voor terminale patiënten. Tijdens zijn opleiding tot oncoloog werd hij chef de clinique op de afdeling kankerpatiënten; sinds 1994 is hij medisch-directeur van hospice Rozenheuvel, alwaar hij als palliatief specialist - samen met een team van verpleegkundigen, vrijwilligers, pastoraal werkers en paramedici - doodzieke patiënten verzorgt.

Uit het interview door Rob Bruntink citeer ik hier enkele uitspraken van Zylicz.

"Mijn opleider vond het maar niets, zoals ik omging met de patiënten en hun problemen."

"Dat moet je niet doen", waarschuwde hij, "daar ga je aan kapot. Een patiënt is een nummer in het protocol. Mensen zoals jij raken na een paar jaar opgebrand."

"Toen ik nog als oncoloog in een ziekenhuis werkte, had ik niet meer dan 10 minuten voor een patiënt; 5 minuten om met hem te spreken en naar hem te luisteren en 5 minuten om iets te onderzoeken. In diezelfde tijd moest de patiënt zich ook nog uit- en aankleden."

Het bovenstaande wordt nog eens ondersteund door de resultaten van een in het jaar 2001  naar buiten gebracht onderzoek van de VvOV (de Vereniging van Oncologie Verpleegkundigen), waaruit blijkt, dat zorgverleners te weinig oog (en oor?) kunnen hebben voor de angsten van patiënten.

Als gewezen kankerpatiënt heb ik een periode van grote stress en onzekerheid achter de rug. Die stress behoeft mijns inziens nauwelijks enige toelichting. De onzekerheid vindt voor een belangrijk deel haar oorsprong in het door hoge werkdruk begrijpelijkerwijs veelal ontbreken van psychische steun door de behandelende specialisten. Mijn huidige uroloog is hierop een weldadige uitzondering!

Wellicht mede door de emotionele beladenheid van het desbetreffende orgaan, blijkt met name prostaatkanker aanleiding te geven tot grote geestelijke verwarring.

Het is dan ook mijn stellige overtuiging, opgedaan tijdens mijn ervaringen gedurende de afgelopen jaren, dat er bij mannen behoefte bestaat aan een steunpunt.

Daarop is een algemene vereniging van kankerpatiënten geen adequaat antwoord; het fenomeen prostaatkanker is daarvoor te specifiek. Bovendien noopt dit specifieke karakter tot de beschikbaarheid van een seksegenoot, liefst met uit eigen ervaring opgedane en derhalve herkenbare angsten en onzekerheden. Het overzicht, dat u hierna zult aantreffen van mijn pogingen van destijds om de progressie van mijn kanker te remmen, is geenszins limitatief. Illustratief daarvoor was  -ik vermeld het hier uiterst summier-  mijn “voetreis in Mexico”.

Van een alleszins betrouwbare reisleider vernam ik, dat er "ergens" in de binnenlanden van Mexico een Maya-indiaan woonde, die o.m. een voormalig president van de VS van kanker genezen zou hebben. Ten bewijze daarvan toonde hij mij een foto van de desbetreffende president en zijn genezer. De beslissing was snel genomen. Na aankomst in Mexico wachtte mij een busreis van ca. 19 uren, gevolgd door een voettocht van vele uren door het binnenland, op zoek naar de leefgemeenschap van de bewuste Maya.

Na veel speurwerk  -communicatie was daarbij overigens zeer lastig, want de inheemse bevolking spreekt bij uitzondering Spaans- slaagde ik erin het dorp te vinden. De vooraf in Nederland naar het Spaans vertaalde brief voor de genezer gaf geen soelaas; de man kon niet lezen. Een jongen uit het dorp moest uitkomst bieden. Na vijf rituele zittingen maakte hij mij moeizaam via een te hulp geroepen tolk duidelijk, dat ik binnen twee maanden van mijn vorm van kanker genezen zou zijn als gevolg van de ondergane riten en de verstrekte kruidendrank.

Niet dus!

Gelukkig zijn inmiddels mijn spanningen (én een groot deel van mijn angst) verleden tijd. Opmerkelijk daarbij is overigens, zoals hierna zal blijken, dat het achteraf tóch kruiden blijken te zijn, die mij het gewenste resultaat gebracht hebben: een daling van de psa-waarde van 91.9 (bloedtest van 13 maart 2000) naar slechts 0.09 (test van 11 augustus 2000).